ZOOM: Marcel Rand

Gedicht is van: M. Vasalis 
Nelleke Woortman

De zee was springende tot aan de horizon
met wilde, frisse kudden grijze golven,
die ‘t schuimend haar al botsend in elkaar bedolven
en van de grote vloed was niets te zien dan fijne lijnen
bijna onzichtbaar uitgetande kant, hoog op het stroeve strand.
En tederder dan ‘t wuiven van een lange kinderhand
boog zich de vochtig-blauwe, knipperende kustlijn om.

Dit zag zij toen zij ’t ochtendlijke duin beklom

Gedicht is van; Judith Herzberg
Margreet Bonouvrie

Elke ochtend, tussen het aandoen
Van zijn linker- en zijn rechterschoen,
Trekt zijn hele leven even langs.
Soms komt de rechterschoen
Bijna niet meer aan.